Bees

Naturalist, artist en auteur Steven Falk over zijn nieuwe veldgids voor bijen

 

Naturalist en wildlife artiest Steven Falk heeft reeds een brede loopbaan in natuur en natuurbehoud, waaronder zijn werk als entomoloog met de “Nature Conservancy Council” en als bewaarder van historisch natuurlijk materiaal voor verschillende musea. Hij is entomoloog en specialist in invertebraten aan de UK invertebrate conservation organisation Buglife. Zijn nieuwe veldgids “Field Guide to the Bees of Great Britain and Ireland” is gepubliceerd in November 2015 door British Wildlife Publishing.

 

 

Vertel eens over je functie bij Buglife.

 

Bij Buglife, heb ik verschillende functies. Ik voorzie informatie, adviseer collega’s en beantwoord externe vragenstellers van andere organisaties.

 

Ik ben bijzonder betrokken bij het toezicht op de productie van nieuwe rode lijsten voor geassorteerde ongewervelde groepen, alsook het verstrekken van feedback voor de verschillende nationale pollinator strategieën, nieuwe agromilieu regelingen, plus help ik projecten te ontwikkelen voor een aantal van onze meest bedreigde ongewervelde soorten.

 

We hebben nu ook een adviesbureau, Buglife Services, die coördineert en voert allerlei ongewervelde enquêtes uit overal in Groot-Brittannië. We hebben net een spannende onderzoek gedaan van de A30 en A38 in Devon en Cornwall. We moeten meer inzicht krijgen in het voorkomen van dieren in wegbermen en langs wegen, vooral dan bestuivers.

 

 

Hoe kom je ertoe om dit standaardwerk “Identification guide to all the bees of Britain and Ireland “ te schrijven ?

 

Ik werd benaderd door Andrew Branson in 2012 en was in eerste instantie nogal terughoudend, omdat dit niet een traditionele veld gids voor bijen kon zijn , want velen kunnen niet worden geïdentificeerd in het veld naar soorten niveau (zo is het nemen van een specimen vereist voor kritisch onderzoek onder een microscoop)

 

en het is cruciaal dat we de nationale dataset (gerund door BWARS) schoon en betrouwbaar houden door eerlijk te spreken over de grenzen van veld identificatie.

 

Dus kwam ik overeen om een boek te schrijven dat alle 275 soorten dekt, met betrouwbare sleutels, dat zowel aan hardcore waarnemers als algemene naturalisten ten goede kwam.

 

Ik wist dat dit haalbaar is, omdat we dezelfde uitdaging hadden voordien met het baanbrekende boek Britse zweefvliegen (Stubbs & Falk, 1983, 2002).

Dus het is een veldgids in de brede zin; het zal helpen veel van wat je in het veld ziet te herkennen, maar ook aangeven op welk punt je specimen moet nemen om onder een microscoop te bekijken. Maar je hoeft geen specimen te verzamelen of een microscoop te hanteren om van het boek te kunnen genieten

hrijven, met name voor wespen en diverse vliegen groepen. Het is niet alleen het onderwerp, het is de benadering. Ik wil inzicht krijgen in de mentaliteit van de beginner en de manier vinden hoe ik het juist aanpak. We moeten meer mensen motiveren naar ongewervelde dieren te kijken. Ik hou van de dubbele benadering van boeken plus webmiddelen, en ik heb een populaire en steeds groeiende Flickr site die sterk de identificatie van vele ongewervelde groepen vergemakkelijkt. Over de instandhouding, blijf ik graag de mensen wegwijs maken in de wereld van bestuivers , de noodzaak en de effectiviteit in het agromilieu. Ongewervelde beschermen zit in mijn bloed en ik zal het blijven nastreven in één of andere vorm. Ik wil zelfs ooit weer een dag proberen illustreren als ik de juiste bril kan vinden!

 

Er bestaat een toenemende bezorgdheid over de instandhouding van bijen en hoe gaat het met ze , en hoe kan de publicatie van dit boek hen helpen ?

 

Ja, we moeten bezorgd zijn om onze bijen. We hebben al zeker 25 soorten verloren en verscheidene soorten balanceren op de rand van uitsterven. Goede bijenhabitats gaan dikwijls verloren. Brownfield land bracht nog redding de vorige eeuw, maar het meeste van dit landschap is nu verloren of amper bloemrijk, en bloemen zijn net hetgeen de bijen nodig hebben. Het onderzoek dat wordt uitgevoerd op pesticiden zoals neonicotinioids is erg verontrustend-bekijk maar eens het werk van Prof. Dave Goulson aan de Universiteit van Sussex. Het lijkt vele bijen aan te tasten in verschillende delen van het land.

 

De nationale pollinator strategieën wordt gepubliceerd door UK lid-staten zijn een oproep tot medewerking voor toezicht op bijen. Omdat er weinig geld is ligt de nadruk op het ontwikkelen van burger wetenschap (citizen science) om sommige van deze te monitoren . Hoge kwaliteit van de opname door de amateur gemaakt is een deel van dit plan, en Groot-Brittannië’s sterke traditie van dit geheel maakt dit een haalbaar project. De laatste uitgebreide besprekking van de Britse bijen kwam van Saunders in1896 en de moderne ID literatuur hielden bijenmonitoring beperkt. ” Field Guide to the Bees of Great Britain and Ireland,”, en de ondersteunende webrubriek (ingesloten in mijn Flickr site) zal hopelijk terug nieuwe bijenkennis bijbrengen!

 

 

Uw carrière als een wildlife kunstenaar begon vrij vroeg - u hebt gewerkt aan de kleur platen voor “Alan Stubb’s guide to British Hoverflies” toen je net een tiener was . Hoe is deze samenwerking gekomen?

 

Ik had sommige hommels opgespeld die ik had gevangen in de buurt van mijn huis in Noord-Londen toen ik 12 was. De helft van hen bleken zweefvliegen te zijn, en dus begon een fascinatie voor zweefvliegen. De volgende zomervakantie ging ik bijna elke dag met een net, en vond bijna dagelijks een andere soort zweefvlieg.

 

Ik was helemaal verslaafd aan hen, en ik schilderde dingen die me fascineerde , met inbegrip die zweefvliegen. Ik stelde sommige zweefvliegen tentoon op de tentoonstelling “AES 1976 in Hampstead “, en ontmoette Alan Stubbs die me vertelde dat hij aan het schrijven was een nieuwe gids voor zweefvliegen. Ik zei dat ik best de illustratie wilde doen (ik was slechts 14), en de rest is geschiedenis. Het duurde 3 jaar vele avonden, en ik denk dat ik 17 was toen ik klaar was. Ik ben erg trots op deze platen, en zie nu hoe mijn stijl ontwikkelde (plaat 8 was de eerste en plaat 7 was de laatste - je ziet een weerspiegeling van de lamp in de vroege prenten!).

 

 

Zien we een van uw illustraties in dit boek?

 

Helaas niet, mijn gezichtsvermogen is niet geweldig deze dagen en ik teken nog zeer weinig nu. Maar de Britse Wildlife Publishing ‘huis kunstenaar’ is de grote Richard Lewington, en hij heeft uitstekend werk verricht. In het bijzonder zijn de hommel-platen gewoon verbluffend, de beste ooit geproduceerd.

 

 

Wat voor soort technieken gebruikt U voor uw zeer realistisch en gedetailleerde illustraties?

 

 

Als een jong kind schilderde ik vogels en was me bewust van de toenmalige vogel kunstenaars en hun stijlen, mensen zoals Basil Ede, Charles Tunnicliffe en Robert Gillmor. Ik hield van het detail en het fotorealisme van Basil Ede en wist dat hij gouache gebruikte. Dus ik begon ook gouache te gebruiken en gaf de voorkeur aan aquarel. Ik begon vaak met een zwart silhouet en opbouw van de kleur en textuur op de top en dat is net het tegenovergestelde van aquarel.

 

Maar anderen, zoals Denys Ovendon en Richard Lewington, tonen wat kon met aquarel, dus het is gewoon kwestie van smaak. Voor echt intens of subtiele kleuren, zou ik aquarel moeten gebruiken, omdat dit een veel groter kleur palet dan gouache heeft. Richard kent zijn aquareltechniek hetgeen je wel moet kunnen om vlinders zoals blues, koperplaten en paarse keizers af te beelden. Ik ben eigenlijk trotser op mijn zwart-wit illustraties dan mijn kleur werk. Hier werd ik meest beïnvloed door A. J. E. Terzi en Arthur Smith, huis kunstenaars van het Natural History Museum. Hun gebruik van arcering en stippen is zo behendig, en ik heb geprobeerd dit te evenaren in mijn pen en inkt illustraties. Gebruik nooit parallelle lijnen in arcering!

 

 

Zijn er nog toekomstige interessante, artistieke of instandhouding gebaseerde projecten op til waarover u ons kan vertellen ?

 

 

Er zijn veel meer boeken die ik wil schrijven, met name voor wespen en diverse vliegen groepen. Het is niet alleen het onderwerp, het is de benadering. Ik wil inzicht krijgen in de mentaliteit van de beginner en de manier vinden hoe ik het juist aanpak. We moeten meer mensen motiveren naar ongewervelde dieren te kijken. Ik hou van de dubbele benadering van boeken plus webmiddelen, en ik heb een populaire en steeds groeiende Flickr site die sterk de identificatie van vele ongewervelde groepen vergemakkelijkt. Over de instandhouding, blijf ik graag de mensen wegwijs maken in de wereld van bestuivers , de noodzaak en de effectiviteit in het agromilieu. Ongewervelde beschermen zit in mijn bloed en ik zal het blijven nastreven in één of andere vorm. Ik wil zelfs ooit weer een dag proberen illustreren als ik de juiste bril kan vinden!

 

 

 

Intervieuw : Katherine Deane,

 

http://blog.nhbs.com/title-information/naturalist-artist-and-author-steven-falk-on-new-field-guide-to-bees/

 

vertaling: Ch.Deschepper

 

Ander knap werk van Steven Falk kan je hier bewonderen:

http://www.stevenfalk.co.uk/gallery.html

and here:

https://www.flickr.com/photos/63075200@N07/collections/72157659860922638/

 

Steven Falk - Artist-Naturalist-Photographer - www.stevenfalk.co.uk

 

Wildlife identification resources at: http://www.flickr.com/photos/63075200@N07/collections/

COPYRIGHT © | aculea.be

PRIVACY STATEMENT | TERMS & CONDITIONS